De DGA PEB Hulpdienst. Advies bij Pensioen in Eigen Beheer.
Klik hier voor meer info

Page content

Pensioen ABC

 

| A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z |

A

Aanspraakgerechtigde: persoon die begunstigde is voor een nog niet ingegaan pensioen.pensioen abc

Accountant: een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

Afkoop: iedere handeling waardoor pensioenaanspraken of pensioenrechten hun pensioenbestemming verliezen.

Anw-hiaat
Ook wel Anw-gat genoemd. De Algemene Weduwen- en wezenwet is op 1 juli 1996 vervangen door de Algemene nabestaandenwet (ANW). Het Anw-hiaat geeft het verschil in uitkering weer.

Anw-uitkering
Het nabestaandenpensioen dat de partner of de (half)wees ontvangt op grond van de Algemene nabestaandenwet.

AOW-uitkering
Het ouderdomspensioen dat iedere ingezetene ontvangt vanaf de AOW-leeftijd, welke afhankelijk is van uw geboortedatum, op grond van de Algemene Ouderdomswet.

Arbeidsongeschiktheidspensioen: een geldelijke, vastgestelde uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van de werknemer of gewezen werknemer, waarop recht bestaat na afloop van de periode bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Ziektewet of, indien de werknemer of gewezen werknemer Ziektewetuitkering ontvangt, na afloop van de periode bedoeld in artikel 29, vijfde en negende lid, van de Ziektewet.

B

Basispensioenregeling: de collectieve pensioenregeling of het deel van de pensioenregeling waaraan de werknemer op basis van de pensioenovereenkomst gehouden is om deel te nemen.

Bedrijfstakpensioenfonds
Een pensioenfonds dat werkzaam ten behoeve van een of meer bedrijfstakken of delen van een bedrijfstak. Meestal is een bedrijfstakpensioenfonds verplicht gesteld.

Beëindiging van de deelneming: het beëindigen van de pensioenverwerving op basis van een pensioenovereenkomst anders dan door: (a) het overlijden van de deelnemer; of (b) het ingaan van het ouderdomspensioen

Beleidsdekkingsgraad: De beleidsdekkingsgraad geeft aan of we genoeg geld hebben om de tot heden toe opgebouwde pensioenen nu en in de toekomst te betalen. De beleidsdekkingsgraad is het gemiddelde van de dekkingsgraden van de laatste twaalf maanden. De beleidsdekkingsgraad is bepalend  voor het nemen van beslissingen zoals het verhogen en verlagen van de pensioenen.

Beroepspensioenregeling
Een pensioenregeling die geldt voor de beoefenaren van een bepaald beroep. Deze regeling is meestal verplicht gesteld.

Beschikbare premieregeling of beschikbare-premiesysteem
Een pensioensysteem waarbij een bepaalde premie wordt toegezegd. Het uiteindelijke bedrag dat u aan pensioen ontvangt, is afhankelijk van de premie, het rendement op de premie en het lijfrentetarief op de pensioendatum. Zie ook beschikbare-premiesysteem.

Beschikbare-premiesysteem of de beschikbare-premieregeling is een vorm van sparen voor een pensioen waarbij de begunstigde het beleggingsrisico en het transformatierisico voor zijn rekening neemt. Drie soorten van beschikbare-premieregeling

  1. De beschikbare premie wordt tot de pensioendatum belegd of gespaard. Hierdoor is het onzeker welk kapitaal op pensioendatum tot uitkering komt. Het kapitaal moet op de pensioendatum worden gebruikt om pensioen aan te kopen. Je mag zelf kiezen bij welke pensioenuitvoerder je pensioen aankoopt.
  2. De beschikbare premie wordt gebruikt om een kapitaal te verzekeren. Op je pensioendatum wordt het kapitaal uitgekeerd. Het kapitaal moet je gebruiken om pensioen aan te kopen. Je mag zelf kiezen bij welke pensioenuitvoerder je pensioen aankoopt.
  3. De beschikbare premie wordt gebruikt om jaarlijks pensioen in te kopen. Je weet niet van tevoren hoeveel pensioen er jaarlijks wordt ingekocht. Daardoor weet je nog niet precies hoeveel je totale pensioen op pensioendatum is. De pensioenuitvoerder bij wie je het pensioen hebt opgebouwd, zorgt ook voor de periodieke uitkering.

Bevoegde autoriteiten: de nationale autoriteiten van andere lidstaten dan Nederland die op grond van artikel 6, onderdeel g, van richtlijn 2003/41/EG zijn aangewezen om de in die richtlijn vastgelegde taken te verrichten.

bijdrage: iedere geldsom die wordt voldaan aan een pensioenuitvoerder in het kader van de uitvoering van pensioenovereenkomsten en uitvoeringsovereenkomsten;

bijdragende onderneming: een onderneming of ander lichaam, ongeacht of deze een of meer natuurlijke personen of rechtspersonen die optreden als werkgever of zelfstandige, dan wel een combinatie daarvan, omvat of hieruit bestaat, en die aan een pensioenfonds, beroepspensioenfonds of pensioeninstelling uit een andere lidstaat bijdragen betaalt;

Bijzonder partnerpensioen
Het deel van het partnerpensioen waarop de partner die volgens de pensioenovereenkomst  in aanmerking komt voor een partnerpensioen, na scheiding of beëindiging van de relatie aanspraak behoudt.

Buitenlandse instelling: een instelling met zetel buiten Nederland, niet zijnde een pensioeninstelling uit een andere lidstaat, een verzekeraar met een zetel buiten Nederland, een van de Europese Gemeenschappen of een instelling als bedoeld in artikel 70, tweede lid.

C

Conversie i.v.m. scheiding
Na scheiding kunnen partijen overeenkomen dat aan de echtgenoot of geregistreerd partner toekomend pensioen (het deel van het ouderdomspensioen en het bijzonder nabestaandenpensioen) wordt omgezet in een eigen pensioen ten behoeve van de echtgenoot of geregistreerd partner.

D

Deelnemer: de werknemer of gewezen werknemer die op grond van een pensioenovereenkomst pensioenaanspraken verwerft jegens een pensioenuitvoerder.

Deeltijdarbeid
Voor de deelnemer die minder dan de volledige arbeidstijd werkt of heeft gewerkt, geldt dat voor de vaststelling van de pensioengrondslag wordt uitgegaan van het pensioengevend salaris dat op 1 januari van het desbetreffende jaar bij een volledige arbeidstijd gegolden zou hebben. Deze pensioengrondslag wordt vermenigvuldigd met een deeltijdpercentage, vastgesteld naar de verhouding tussen feitelijke en volledige arbeidstijd. Bij de overgang van een onvolledige naar een volledige arbeidstijd – of omgekeerd – en bij wijziging van de mate van onvolledigheid, wordt het deeltijdpercentage opnieuw vastgesteld. Hierbij wordt er voor de toekomstige diensttijd steeds van uitgegaan dat de mate van (on)volledigheid van de arbeidstijd onveranderd blijft.

Defined benefit (DB) of beschikbare-uitkeringssysteem  oftewel salaris-diensttijdsysteem: Een pensioenregeling waarbij de pensioenuitkering van tevoren vastligt. Voor de berekening van de pensioenen wordt uitgegaan van het loon, een opbouwpercentage per jaar en de AOW-uitkering. Eindloonregelingen en middelloonregelingen zijn typische vormen van defined benefit-regelingen.

Dienstbetrekking: de rechtsbetrekking tussen werkgever en werknemer.

Diensttijd of dienstjaren
De tijd dat u arbeid heeft verricht voor een huidige werkgever. Deze tijd wordt gebruikt bij het berekenen van uw pensioenaanspraken.

Directeur-grootaandeelhouder: (a) persoonlijk houder van aandelen welke ten minste een tiende deel van het geplaatste kapitaal van de vennootschap van de werkgever vertegenwoordigen; (b) indirect persoonlijk houder van aandelen welke ten minste een tiende deel van het geplaatste kapitaal van de vennootschap van de werkgever vertegenwoordigen; (c) houder van certificaten van aandelen, uitgegeven door tussenkomst van een administratiekantoor waarvan hij voor ten minste een tiende deel in het bestuur vertegenwoordigd is, welke ten minste een tiende deel van het geplaatste kapitaal van de vennootschap vertegenwoordigen.

Doorsneepremie
Een premie die voor een bepaalde groep uniform is vastgesteld, zonder dat rekening gehouden wordt met verschillen in geslacht, leeftijd of gezondheidstoestand.

E

Eindloonsysteem
Pensioensysteem waarbij het pensioen wordt afgeleid van het laatstverdiende salaris.

Elektronisch: door middel van een elektronische informatiedrager die de ontvanger in staat stelt de verstrekte informatie duurzaam te bewaren.

F

Franchise
De franchise is een vastgesteld bedrag, dat van uw pensioengevend salaris wordt afgetrokken, bij de berekening van uw pensioen. De franchise wordt buiten beschouwing gelaten vanwege het feit dat iedere ingezetene al AOW krijgt. Pensioengevend salaris – franchise = pensioengrondslag. Over de pensioengrondslag wordt uw pensioen berekend.

G

Gedetacheerde werknemer: een werknemer die in een andere lidstaat wordt gedetacheerd om daar te werken en die krachtens titel II van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de gemeenschap verplaatsen (PbEG L 149), onderworpen blijft aan de wetgeving van de lidstaat van oorsprong.

Gepensioneerde: pensioengerechtigde voor wie het ouderdomspensioen is ingegaan.

Gewezen deelnemer
Niet-actieve, maar nog niet gepensioneerde deelnemer in een pensioenregeling. Deze deelnemer heeft zijn pensioenaanspraken premievrij bij een vorige pensioenuitvoerder achtergelaten. Bij die pensioenuitvoerder staat de werknemer bekend als ‘gewezen deelnemer’ of ‘slaper’. Deze deelnemer heeft geen waardeoverdracht laten uitvoeren.

Kapitaalovereenkomst: een pensioenovereenkomst inzake een vastgesteld kapitaal dat uiterlijk op de pensioendatum wordt omgezet in een pensioenuitkering.

L

Lidstaat: een lidstaat van de Europese Unie alsmede een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij de Overeenkomst betreffende Europese Economische Ruimte.

Lijfrente
Een aanspraak op een reeks vaste en gelijkmatige periodieke uitkeringen afhankelijk van het in leven zijn van de verzekerde. Lijfrenteverzekeringen worden afgesloten in de privésfeer.

M

Middelloonsysteem
Pensioensysteem waarbij het pensioen is afgeleid van het gemiddeld verdiende salaris.

N

Nabestaandenpensioen
Pensioen voor de nabestaanden van de deelnemer: de achtergebleven partner (zoals omschreven in het pensioenreglement) en/of de achtergebleven kinderen.

O

Ondernemingspensioenfonds: een pensioenfonds verbonden aan een onderneming of aan een groep als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

Ondernemingsraad: de ondernemingsraad, bedoeld in de Wet op de ondernemingsraden.

Ontvangende pensioenuitvoerder: de pensioenuitvoerder aan wie in het kader van waardeoverdracht waarde wordt overgedragen.

Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Ouderdomspensioen: een geldelijke, vastgestelde uitkering voor de werknemer of de gewezen werknemer bij wijze van inkomensvoorziening bij ouderdom.

Overbruggingspensioen
Een extra pensioen dat tijdelijk (tot 65 jaar) gelijktijdig met het ouderdomspensioen wordt uitgekeerd indien de ingangsdatum van het ouderdomspensioen ligt voor leeftijd 65. Dit pensioen dient onder meer ter compensatie van het gemis aan AOW.

Overdrachtswaarde: de ten behoeve van de waardeoverdracht vastgestelde waarde van de over te dragen pensioenaanspraken of pensioenrechten.

Overdragende pensioenuitvoerder: de pensioenuitvoerder die in het kader van waardeoverdracht waarde overdraagt aan een andere pensioenuitvoerder.

P

Partner: echtgenoot, geregistreerde partner of partner in de zin van de pensioenovereenkomst.

Partnerpensioen: een geldelijke, vastgestelde uitkering voor de echtgenoot, de geregistreerde partner of de partner, de gewezen echtgenoot, de gewezen geregistreerde partner of gewezen partner wegens het overlijden van de werknemer of gewezen werknemer.

Partnerrelatie: huwelijk, geregistreerd partnerschap of partnerrelatie in de zin van de pensioenovereenkomst.

Pensioen: ouderdomspensioen, arbeidsongeschiktheidspensioen of nabestaandenpensioen, zoals tussen werkgever en werknemer overeengekomen.

Pensioenaanspraak: het recht op een nog niet ingegaan pensioen, uitgezonderd overeengekomen voorwaardelijke toeslagverlening.

Pensioenbreuk
Het pensioentekort dat (onder andere) kan ontstaan door wisseling van werkgever.

Pensioenfonds: een rechtspersoon, waarin ten behoeve van ten minste twee deelnemers, gewezen deelnemers of hun nabestaanden gelden worden of werden bijeengebracht en worden beheerd ter uitvoering van ten minste een basispensioenregeling.

Pensioengerechtigde: persoon voor wie op grond van een pensioenovereenkomst het pensioen is ingegaan.

Pensioengevend salaris
Het pensioengevend salaris is het salaris dat voor de berekening van de pensioenaanspraken in aanmerking wordt genomen. Meestal is het pensioengevend salaris 12 maal het vaste maandsalaris vermeerderd met de vakantietoeslag. Zie voor de exacte omschrijving uw pensioenovereenkomst. Tot het vaste maandsalaris rekenen we niet:  overwerkvergoedingen, onkostenvergoedingen, gratificaties, tantièmes, andere aan de dienstbetrekking verbonden onregelmatige loonbestanddelen. Uw werkgever kan bepalen dat in enig jaar een of meer van voornoemde onderdelen tot het pensioengevend salaris behoren.

Pensioengrondslag
Het bedrag dat het uitgangspunt vormt voor de pensioenberekening. Doorgaans is de pensioengrondslag gelijk aan het jaarsalaris verminderd met een franchise.

Pensioeningangsdatum
Het tijdstip waarop de deelnemer daadwerkelijk met pensioen gaat. Vanaf dit moment wordt het ouderdomspensioen uitgekeerd.

Pensioeninstelling uit een andere lidstaat: een op basis van kapitaaldekking gefinancierde instelling, ongeacht de rechtsvorm, die zetel heeft in een andere lidstaat dan Nederland en die onafhankelijk van enige bijdragende onderneming of bedrijfstak is opgericht met als doel het verstrekken van arbeidsgerelateerde pensioenuitkeringen op basis van een als volgt gesloten overeenkomst:

  1. individueel of collectief tussen een of meerdere werkgevers en een of meerdere werknemers of hun respectievelijke vertegenwoordigers; of
  2. met zelfstandigen, en die hiermee rechtstreeks verband houdende werkzaamheden verricht.

Pensioenovereenkomst: hetgeen tussen een werkgever en een werknemer is overeengekomen betreffende pensioen.

Pensioenrecht: het recht op een ingegaan pensioen, uitgezonderd overeengekomen voorwaardelijke toeslagverlening.

Pensioenregeling:

  1. een pensioenregeling op grond van een pensioenovereenkomst; of
  2. indien de bijdragende onderneming zetel heeft in een andere lidstaat dan Nederland, een overeenkomst, een trustakte of voorschriften waarin is bepaald welke pensioenuitkeringen worden toegezegd en onder welke voorwaarden

Pensioenreglement
Schriftelijk document waarin precies staat omschreven hoe de pensioenregeling in elkaar steekt, wat de rechten en plichten zijn van de pensioenuitvoerder en de deelnemer.

Pensioenovereenkomst
Een juridisch document waarin de afspraken over de pensioenregeling tussen de werkgever en de werknemer zijn vastgelegd.

Pensioenuitvoerder: een ondernemingspensioenfonds, een bedrijfstakpensioenfonds of een verzekeraar die zetel heeft in Nederland.

Pensioenverevening

Pensioenverplichtingen: verplichtingen van de pensioenuitvoerder uit hoofde van pensioenaanspraken en pensioenrechten

Premie: de in geld uitgedrukte periodiek vastgestelde structurele prestatie die verschuldigd is aan de pensioenuitvoerder en die bestemd is voor de verzekering van pensioen en de daaraan verbonden kosten.

Premieovereenkomst: een pensioenovereenkomst inzake een vastgestelde premie die uiterlijk op de pensioendatum wordt omgezet in een pensioenuitkering;

Premievrijstelling
Vrijstelling van premiebetaling voor de pensioenverzekering ingeval de deelnemer aan de pensioenregeling arbeidsongeschikt is.

Prepensioen
Een tijdelijk ouderdomspensioen dat voorafgaand aan het levenslange ouderdomspensioen wordt uitgekeerd. Het was bedoeld als vervanging van de VUT-regeling. Tijdens de periode van het prepensioen mag de pensioenopbouw voor het gewone ouderdomspensioen worden voortgezet. De regeling voor prepensioen was een tijdelijke regeling.

R

Richtlijn 2003/41/EG: richtlijn nr. 2003/41/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 3 juni 2003 betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening (PbEG L 235/10).

S

Salaris-diensttijdsysteem: of defined benefit (DB) oftewel beschikbare-uitkeringssysteem: zie defined benefit.

Scheiding: echtscheiding, ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed, beëindiging van een geregistreerd partnerschap anders dan door dood, vermissing of omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk of beëindiging van een partnerrelatie in de zin van de pensioenovereenkomst.

Schriftelijk: in schrifttekens op papier.

Slaper
Zie ‘gewezen deelnemer’

T

Toeslag: een verhoging van: (a) een pensioenrecht; (b) een pensioenaanspraak van een gewezen deelnemer, mits die verhogingen bij een kapitaalovereenkomst niet voortvloeit uit rente- of winstdeling of bij een premieovereenkomst niet voortvloeit uit behaald beleggingsrendement; (c) een pensioenaanspraak van een deelnemer op grond van een uitkeringsovereenkomst gebaseerd op het middelloonstelsel of gebaseerd op een vastebedragenregeling, mits de verhoging geen verband houdt met een verhoging van de pensioengrondslag, de toename van het in aanmerking te nemen aantal jaren of een wijziging van de pensioenovereenkomst; of (d) een pensioenaanspraak van een gepensioneerde ten behoeve van zijn partner.

Toeslagverlening
Het aanpassen van pensioenaanspraken en pensioenuitkeringen aan de stijging van de lonen (welvaartsvast) of de prijzen (waardevast). Toeslagverlening wordt ook wel indexatie genoemd.

Toezichthouder: de Stichting Autoriteit Financiële Markten of De Nederlandsche Bank N.V., ieder voor zover belast met de uitoefening van het toezicht bij of krachtens artikel 151.

Tijdsevenredig pensioen
Het pensioen waarop de deelnemer aan een pensioenregeling aanspraak houdt bij ontslag. Het tijdsevenredig pensioen wordt gedefinieerd als het pensioen dat de deelnemer had kunnen bereiken bij voortgezet dienstverband tot de pensioendatum, verminderd met het pensioen dat de deelnemer zou kunnen opbouwen indien hij vanaf de datum van ontslag zou deelnemen in de regeling van de werkgever.

U

Uitkeringsovereenkomst: een pensioenovereenkomst inzake een vastgestelde pensioenuitkering.

Uitruil
De mogelijkheid voor de deelnemer om het opgebouwde partnerpensioen om te zetten in een hoger (of eerder ingaand) ouderdomspensioen of een deel van het ouderdomspensioen om te zetten in partnerpensioen.

Uitvoeringsovereenkomst Een juridisch document dat de afspraken weergeeft tussen werkgever en de pensioenuitvoerder over de uitvoering van één of meer pensioenovereenkomsten.

Uitvoeringsreglement:

(a) de door een bedrijftakpensioenfonds opgestelde regeling met betrekking tot de verhouding tussen pensioenuitvoerder en werkgever.

(b) de door een pensioenuitvoerder opgestelde regeling inzake de uitvoering van de pensioenovereenkomsten met zijn werknemers.

V

Verplichtgesteld bedrijfstakpensioenfonds: een bedrijfstakpensioenfonds waarin de deelneming verplicht is gesteld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 en artikel 21, eerste lid, van de Wet privatisering ABP.

Verzekeraar: een verzekeraar die op grond van de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van levensverzekeraar of schadeverzekeraar mag uitoefenen.

Voorwaarden in verband met de partnerrelatie: huwelijkse voorwaarden, voorwaarden van een geregistreerd partnerschap of voorwaarden in verband met een partnerrelatie in de zin van de pensioenovereenkomst.

Vrijwillige pensioenregeling: het deel van de pensioenregeling waaraan de werknemer op basis van de pensioenovereenkomst de mogelijkheid heeft om deel te nemen.

VUT
Een regeling van Vervroegde Uittreding vóór de reglementaire pensioendatum. De VUT stelt werknemers in staat om voor de oorspronkelijke pensioenleeftijd van 65 jaar te stoppen met werken. De VUT Is op vrijwillige basis. Vanaf 1 januari 2006 zijn de werknemerspremies voor de VUT niet meer aftrekbaar en is de werkgeversbijdrage belast. Deze nieuwe regel geldt niet voor de premies die betaald worden voor de VUT- uitkeringen van werknemers die op 1 januari 2005 al 55 jaar of ouder zijn.

 

W

WAO-hiaat
Ook wel WAO-gat genoemd. Het verschil tussen de WAO-uitkering op grond van de oude en de nieuwe WAO. De hoogte van het WAO-gat is relatief groter naarmate de werknemer jonger is, en geldt alleen nog voor werknemers die voor 1 januari 2004 ziek zijn geworden.

WAO-uitkering Het arbeidsongeschiktheidspensioen dat de werknemer bij arbeidsongeschiktheid ontvangt op grond van de WAO. Alleen voor werknemers die voor 1 januari 2004 ziek zijn geworden.

 

WGA-hiaat
Het WGA-hiaat is te vergelijken met het WAO-hiaat. Een WGA-hiaat ontstaat als een werknemer niet of onvoldoende werkt, dus als de resterende verdiencapaciteit voor minder dan 50% wordt benut. Ook kan het zijn dat een werknemer ander en lager betaald werk gaat doen.

WIA-excedenthiaat
Het WIA-excedenthiaat zal ontstaan voor (gedeeltelijk) arbeidsongeschikten, die een inkomen boven het maximum dagloon hebben. Deze werknemers krijgen volgens de WIA-regeling 70% van het verschil tussen het oude en nieuwe salaris, echter tot het maximum dagloon sociale verzekeringen. Het deel erboven (= excedent) kunt u verzekeren.

WIA-inkomenshiaat (arbeidsongeschikt tot 35%)
Binnen de WIA is een nieuw inkomenshiaat ontstaan. In de WAO ontving een arbeidsongeschikte werknemer al een uitkering vanaf 15% arbeidsongeschiktheid. Bij de WIA is de toelatingsdrempel gesteld op 35%. Dus krijgt u geen wettelijke uitkering meer als u minder dan 35% arbeidsongeschikt bent. Direct na uw ziekteperiode van twee jaar ontstaat een forse inkomensachteruitgang.

WIA-uitkering
Het arbeidsongeschiktheidspensioen dat de werknemer bij arbeidsongeschiktheid ontvangt op grond van de WIA (wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen). Deze uitkering kan de vorm krijgen van de regeling Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) of van de regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA):

De IVA is bedoeld voor werknemers, die volledig arbeidsongeschikt worden verklaard (loonverlies van tenminste 80%) en waarbij geen of slechts geringe kans op herstel is.

De WGA is bedoeld voor werknemers, die deels arbeidsongeschikt worden verklaard met een loonverlies vanaf 35% tot 80%; of volledig arbeidsongeschikt zijn (loonverlies vanaf 80%), maar die waarschijnlijk voldoende zullen herstellen.

Het nieuwe stelsel volgens de WIA geldt alléén voor werknemers die ziek worden of zijn geworden op of na 1-1-2004. Bestaande WAO’ers blijven in het oude stelsel, maar kunnen (als ze op 1-7-2004 jonger dan 50 waren) vanaf 1-10-2004 wel volgens nieuwe richtlijnen gekeurd worden.

Waardeoverdracht: iedere handeling waarbij de waarde van opgebouwde pensioenaanspraken of pensioenrechten wordt aangewend ten behoeve van:

  1. andere pensioenaanspraken of pensioenrechten bij dezelfde of een andere pensioenuitvoerder; of
  2. dezelfde pensioenaanspraken of pensioenrechten bij een andere pensioenuitvoerder

Waardevast
De uitkering wordt aangepast aan de ontwikkeling van de prijzen.

Welvaartsvast
De uitkering wordt aangepast aan de ontwikkeling van de lonen.

Werkgever: degene die een werknemer krachtens arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht of publiekrechtelijke aanstelling arbeid laat verrichten.

Werkgeverspremie: het deel van de premie dat voor rekening komt van de werkgever.

Werknemer: degene die krachtens arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht of publiekrechtelijke aanstelling arbeid verricht voor een werkgever, met uitzondering van de directeur-grootaandeelhouder en de werknemer die onder de werkingsfeer van een verplichtgestelde beroepspensioenregeling als bedoeld in de Wet verplichte beroepspensioenregeling valt.

Werknemerspremie: het deel van de premie dat voor rekening komt van de werknemer.

Wezenpensioen: een geldelijke, vastgestelde uitkering voor een kind tot wie de overleden werknemer of gewezen werknemer als ouder in familierechtelijke betrekking stond of voor diens stief- of pleegkind, wegens het overlijden van de werknemer of gewezen werknemer;

Z

Zetel: de plaats waar een rechtspersoon volgens zijn statuten of reglementen is gevestigd of, indien het een pensioenfonds of pensioeninstelling uit een andere lidstaat betreft, de plaats waar deze volgens zijn statuten of reglementen is gevestigd en zijn hoofdbestuur heeft of, indien het een pensioeninstelling uit een andere lidstaat betreft die geen rechtspersoon is of een natuurlijke persoon betreft, de plaats waar die pensioeninstelling of persoon zijn hoofdbestuur heeft.

Zorgplicht van de werkgever: De Wet Pensioencommunicatie heeft belangrijke gevolgen voor de rol en zorgplicht van de werkgever. Werkgevers krijgen een grotere verantwoordelijkheid in de pensioencommunicatie aan hun werknemers. Dit betekent dat werkgevers uit hoofde van hun zorgplicht nieuwe werknemers tijdens het arbeidsvoorwaardengesprek moeten informeren over de hoofdkenmerken van de pensioenregeling. De werkgever doet de werknemer dan een pensioenaanbod. Wanneer de werknemer daar uitdrukkelijk mee instemt, kan dit pensioenaanbod via de elektronische weg verlopen. Omdat de werkgever vaak als  eerste op de hoogte is van belangrijke veranderingen in het leven van de medewerkers (de life-events) krijgt hij een signaalfunctie en moet hij de werknemer actief informeren over de gevolgen van deze gebeurtenis op zijn pensioen.  Doel van deze maatregelen is onder andere het stimuleren van het pensioenbewustzijn van de werknemers