Page content

Er wordt maar wat aangerommeld met waardeoverdracht

Geschreven door Paul van der Heide

Waardeoverdracht bij wisseling van werkgever van de ene pensioenregeling naar de andere is wettelijk geregeld en dat is op zich prima. In pensioenland zijn we het inmiddels wel gewend, de politiek snapt weinig van de praktijk en handelt daar dan ook naar. Dat is in ieder geval een van de partijen die er een zootje van maakt. De andere partij zijn de verzekeraars zelf. Daar wordt veel afgeblunderd op dit terrein en geloof het of niet, maar het is meestal in hun eigen voordeel.

Eerst een paar voorbeelden uit mijn praktijk en dan geef ik als toetje een voorbeeld van blunderende wetgeving. Waardeoverdracht bij wisseling van werkgever gaat gepaard met wettelijke rekenregels om te voorkomen dat de werknemer hierdoor pensioenverlies zou leiden. Deze rekenregels zijn eigenlijk opgesteld voor pensioenfondsen. Daar ontstaat bij waardeoverdracht overigens geen verplichting tot bijbetalen, omdat de systematiek aansluit bij hun waarderingsregels. Bij verzekerde pensioenregelingen ontstaat deze bijbetalingsverplichting wel. Verzekeraars financierden pensioen tot voor kort op basis van een rekenrente van 4 en later 3%. Een groot deel van het pensioenvermogen is nog steeds gereserveerd op 4% en een kleiner deel op 3%. De rekenrente in de rekenregels is vastgesteld op basis van de marktrente. Is deze hoger dan 4 of 3%, dan moet de nieuwe werkgever een aanvullende storting doen (uiteraard afhankelijk van de tariefrente die de nieuwe verzekeraar hanteert), is de marktrente lager, dan moet de oude werkgever een storting doen.

Waardeoverdracht2Tot zo ver het technische stuk. Ik heb het eenvoudig gehouden, maar geloof me het is erg complex. Er zit een aanvullende voorwaarde verbonden aan het recht op waardeoverdracht en dat is dat de werknemer individueel zijn deelname aan de pensioenregeling moet hebben beëindigd. Kortgezegd, als hij zelf ontslag neemt, of krijgt, dan spelen de rekenregels met bijbetalingsverplichtingen. Is de deelname collectief (voor een groep werknemers) beëindigd, dan heeft hij geen recht op waardeoverdracht en als de verzekeraar dan toch meewerkt, zijn de wettelijke rekenregels niet van toepassing. Dus ook geen bijbetalingsplicht. Verzekeraars vinden het echter niet hun taak om te controleren of sprake is geweest van een individueel of collectief ontslag. Daarom wordt bij iedere waardeoverdracht de oude of de nieuwe werkgever geconfronteerd met bijbetalingskoopsommen. En dan te bedenken, dat heel veel werknemers de laatste jaren collectief ontslagen zijn en dus geen van allen recht hebben op toepassing van de rekenregels bij waardeoverdracht. Ze kunnen waardeoverdracht wel vragen, maar dan zijn de rekenregels niet van toepassing. Een mooie tip voor een accountant die goodwill wil verwerven bij een klant, om te controleren of de rekenregels wel toegepast moeten worden. Dit onderzoek kan een werkgever tienduizenden euro’s schelen en past in mijn visie uitstekend als extra dienstverlening door een accountant.

En dan nu helemaal de limit. Bij een groot contract maakten wij onlangs mee, dat een van de meest prominente verzekeraars bij een contractbeëindiging en overgaan naar een nieuw product, tonnen bijbetalingskoopsom vroeg bij een collectieve waardeoverdracht. In dat geval zijn de rekenregels eveneens niet van toepassing. De verzekeraar beriep zich hierbij op zijn zorgplicht, die bij ons als professional niet zoveel indruk maakte, maar bij de klant wel degelijk. Tevens beweerde de verzekeraar dat bijbetaling uit de pensioenwet zou voortvloeien vanwege de eis van collectieve actuariële gelijkwaardigheid. Uit een onderzoek naar de parlementaire geschiedenis bleek al snel dat deze eis uitsluitend bedoeld is om te voorkomen dat er bij een waardeoverdracht geld aan de strijkstol van de verzekeraar blijft hangen. Naar onze mening een hele grove uitglijder, die dan ook binnen no time van tafel was. Hier ging het echt over heel veel geld, maar wij vragen ons af of bij kleinere contracten dit ook gebruikelijk is. Dat zou wel heel erg kwalijk zijn. Inmiddels ligt de zaak nog wel bij DNB om maar eens uit te vissen wat die ervan vindt.

Een dan nu het toetje. In de politiek wordt al jaren gesproken over het oplossen van de bijbetalingsproblematiek. Mw. Kleinsma heeft inmiddels allerlei adviezen en alternatieven ontvangen, maar heeft meer tijd nodig. En dat terwijl het MKB dit punt als een molensteen om de nek voelt. Ergo, voor het recht op waardeoverdracht en de toepassing van de rekenregels geldt een aanvullende voorwaarde. Deze moet worden aangevraagd binnen 6 maanden na het in dienst treden bij de nieuwe werkgever. Dat voorkwam in ieder geval dat men het ook na jaren nog kon aanvragen. Op de een of andere wijze heeft men het nodig gevonden deze termijn te schrappen. Daar heeft men inmiddels spijt van en nu is een maatregel in de maak om dit terug te draaien. Vooralsnog geldt nog de formele wettekst die nu geen aanvraagtermijn meer kent, dus MKB’rs u bent gewaarschuwd, want vanwege de lage rentestand momenteel loopt u nu het risico bij te moeten betalen voor werknemers die misschien al wel 20 jaar of meer uit dienst zijn. Ik vind dat een sterk staaltje van blunderende wetgeving.