Column: Is flexibiliteit een reden om een pensioensysteem te kiezen?
arrow_drop_up arrow_drop_down
24 april 2019 

Column: Is flexibiliteit een reden om een pensioensysteem te kiezen?

Geschreven door: Paul van der Heide

Is flexibiliteit een gegronde reden om te kiezen voor een pensioensysteem? Er zijn diverse redenen om voor het ene of het andere pensioensysteem te kiezen. In een vorige column ging ik in op de moderniteit van enkele pensioensystemen. De volgende columns zullen zich focussen op financiële beheersbaarheid en maximale zekerheid. Nu aan de slag met flexibiliteit!

Definitie

Een argument dat wordt gehanteerd om een keuze te maken is flexibiliteit. De vraag die ik eerst zal beantwoorden is; wat is flexibel?
Flexibiliteit staat als volgt omschreven in de Dikke van Dale:
– Variabel;
– Soepel;
– Meegaand.

Naar mijn mening is de flexibiliteit van een pensioenregeling af te meten aan de mate waarin deze variabel is, of mee kan bewegen met de persoonlijke (pensioen)behoefte van de werknemer. Een flexibele voorwaarde is bijvoorbeeld dat de deelnemer zelf het moment van pensioneren kan beslissen. Een werknemer die nu 60 is, ontvangt zijn AOW als hij 67 jaar en drie maanden is.

Het kan voorkomen dat een werknemer toch langer wil doorwerken. In dit geval is het uitstel van pensioen. Dat is in ieder geval ook een wens waar flexibiliteit voor nodig is. Het is natuurlijk wel de vraag in hoeverre een werkgever daaraan wil meewerken, maar daar ga ik niet verder op in.

Eerder met pensioen

Het zou ook kunnen dat een werknemer om welke reden dan ook juist niet langer wil doorwerken. Bijvoorbeeld omdat zijn gezondheid dat wenselijk maakt, of omdat iemand gewoon ‘klaar met werken’ is op 65-jarige leeftijd. Met andere woorden, een flexibele pensioendatum lijkt mij een belangrijke voorwaarde. Ook het variëren in de hoogte van het pensioen binnen bepaalde bandbreedtes en de mogelijkheid van deeltijdpensioen zijn flexibiliseringselementen.

Daarnaast kan een werknemer het pensioen willen aanvullen. Het getuigt van flexibiliteit als de werknemer binnen de pensioenregeling extra voor zijn pensioen kan sparen.
Meer flexibiliseringsmogelijkheden zijn er naar mijn smaak niet, behalve de bij wet geregelde mogelijkheid van uitruil van nabestaanden- en ouderdomspensioen. Dus ben ik op zoek gegaan naar flexibele pensioenverzekeringen. Mijn focus ligt hierbij op middelloonverzekeringen en beschikbare premieregelingen. Daarbij stel ik vast, dat welke aanbieder ik ook kies, alle genoemde flexibiliseringsmogelijkheden aanwezig zijn, zonder enige uitzondering. Dat stelt mij gerust, ik hoef mij bij de invulling van flexibiliteit geen zorgen te maken. Flexibiliteit hoeft dus niet mijn keuze tussen een middelloon of een beschikbare premie te beïnvloeden.

In mijn volgende column kijk ik naar de financiële beheersbaarheid van een pensioensysteem.

Lees hier de column Welk pensioensysteem kiest u en waarom?

Reactie plaatsen